
OOP-dag onderzoek
Liever wat extra geld erbij
Samenvatting Onderzoek De Gouden Steunpilaar
Op 17 november a.s. vindt de OOP-dag plaats in Utrecht. Vanwege die dag heeft CNV Onderwijs onderzocht hoe de positie is van de OOP’er in het onderwijsteam. Bijvoorbeeld als het gaat om deelname aan activiteiten en waardering. Het online marktonderzoek is uitgezet bij OOP’ers in het primair, het voortgezet en het middelbaar beroepsonderwijs. Het onderzoek is ingevuld door 1.234 OOP’ers.
Dit onderzoek is een samenwerking tussen CNV Onderwijs en de Onderwijs Innovatie Groep. OiG is een onderzoeks- en adviesbureau binnen het onderwijs. Samen met maatschappelijke partners doet zij onderzoek naar de belangrijkste thema's binnen het onderwijs.
Gymleraar geen OOP’er, conciërge juist wel
Wie wordt wel en wie wordt niet als OOP’er gezien? Met die vraag opent het onderzoek. Een gymleraar is geen OOP’er volgens 72,5% van de respondenten. Over een conciërge is er juist amper twijfel; 97,2% vindt dat een echte OOP functie. Bijna 91% van de respondenten ziet zichzelf als onderdeel van het schoolteam.
Waardering: afgerond een 8
De (verwachte) waardering tussen OOP’ers en leerkrachten en OOP’ers onderling is hoog. Gemiddeld een 7,5 een voor OOP’ers onder elkaar is dat zelfs een 7,7. De personeelsdag en speciale vieringen worden met het hele team ondernomen. De personeelsdag vinden OOP’ers een must, speciale vieringen hoeven niet, maar er is wel meer behoefte aan overleg.
Recht op een goede functieomschrijving
De werkzaamheden die OOP’ers doen, komen in een op de drie gevallen niet overeen met de functieomschrijving. 70% daarvan heeft actie ondernomen, bijvoorbeeld door zelf het gesprek aan te gaan. Degenen die geen actie hebben ondernomen geven aan dat dit geen zin heeft.
Bij driekwart leverde actie ondernemen geen gewenst resultaat op. Bij 25 procent werd een goed resultaat gehaald. Een aantal OOP’ers schakelden de juristen van CNV Onderwijs in voor advies of juridische bijstand.
Liever wat extra geld erbij
Daar waar de waardering door collega’s hoog is zijn de respondenten iets minder tevreden over de waardering die zij met een 6,8 voor hun werk krijgen. Meer dan de helft vindt dat waardering moet blijken uit een financiële vergoeding, terwijl scholingsmogelijkheden en meer vrijheid om zelfstandig te werken net boven de 8% blijven steken. Opvallend is hier dat scholen vrijheid om zelfstandig te werken en scholingsmogelijkheden geven en OOP’ers meer voelen voor een financiële beloning of doorgroeimogelijkheden. Onlangs heeft CNV Onderwijs in de CAO VO een financieel extraatje weten te bedingen voor OOP’ers tot en met schaal 8. Dit lijkt goed te voldoen aan de behoefte van het onderwijs ondersteunend personeel.
Overwerk levert vooral complimentjes op
77% van de respondenten werkt weleens over. Een op de drie ontvangt hier echter geen waardering voor. Als er wel waardering is blijkt dit meestal uit een compliment, gevolgd door compensatie van uren. De gewenste financiële vergoeding zit er meestal niet in; slechts bij een op de elf is dat het geval.
Lees ook het uitgebreide artikel ‘Waardering oop graag in klinkende munt’ in het Schooljournaal.