Richard
09-09-2011

Wijziging faciliteiten (G)MR? : instemming

De lange zomervakantie is voorbij. De scholen zijn weer begonnen en de medezeggenschapsraden ontvangen de eerste beleidsnotities en regelingen alweer. Sommige medezeggenschapsraden zijn ook nog bezig met het laatste “staartje” van het formatieplan. Kortom, er valt weer een hoop werk te verrichten. Bij de MR-Advieslijn kwamen een aantal telefoontjes binnen over dezelfde kwestie: de faciliteiten van de (G)MR. Klaarblijkelijk ziet een aantal besturen het nieuwe schooljaar als aanleiding om de faciliteiten van de (G)MR te wijzigen. Reiskosten verdwijnen en/of het aantal beschikbare uren neemt af.

In een eerdere nieuwsbrief hebben we aandacht besteed aan de faciliteiten voor de (G)MR‘en in het primair en voortgezet onderwijs. De WMS (Wet Medezeggenschap op Scholen) beschrijft in artikel 28 een aantal voorzieningen en ook de cao primair onderwijs en de cao voortgezet onderwijs geven aan op welke faciliteiten de (G)MR (minimaal) recht heeft.
Het is natuurlijk raar als dan, zonder overleg, de faciliteiten aan het begin van het jaar verminderd worden. Het gezonde verstand vertelt dat uitleg over zo’n wijziging wel het minste is. Laten we eens een kijken wat de WMS er over zegt.

Ten eerste: als de faciliteiten van de MR wijzigen, moet dat voorgelegd worden ter instemming aan de geleding die het aangaat. Dus de faciliteiten voor het  personeel worden bij wijzigingen van de faciliteiten ter instemming voorgelegd aan de personeelsgeleding van de MR, die van de ouders aan de oudergeleding en in het voortgezet onderwijs worden wijzigingen van de faciliteiten voor de leerlingen voorgelegd aan de leerlingengeleding.
Daarnaast stelt de WMS dat beleid of een regeling die ter instemming moet worden voorgelegd aan de volgende voorwaarden moet voldoen:
-    wat is de reden voor de wijziging (van de faciliteiten);
-    dan de regeling zelf
-    eventuele gevolgen voor personeel, ouders en leerlingen
-    de maatregelen die naar aanleiding van de gevolgen zijn genomen.

Het bestuur kan dus nooit eenzijdig de faciliteiten van de (G)MR wijzigen. Zowel de aanleiding als het voorstel moeten helder zijn. Gaat de geleding niet akkoord met de wijziging van de faciliteiten, dan stemt de geleding niet in. In dat geval blijft alles bij het oude. Wil het bestuur dan toch nog perse vasthouden aan zijn voorstel om de faciliteiten te verminderen, dan zal het bestuur de weg naar de Commissie voor Onderwijsgeschillen moeten bewandelen.

Het bestuur verkrijgt immers van de (geleding van) de (G)MR niet de benodigde instemming om zijn beleid uit te mogen voeren. Dan moet het bestuur zijn gelijk proberen te halen bij de Commissie voor Onderwijsgeschillen. Let op, het geschil moet binnen drie maanden nadat de (G)MR zijn instemming heeft onthouden, zijn aangemeld bij de Commissie voor Onderwijsgeschillen.